Populisme
Politieke stijl die 'het volk' tegenover 'de elite' plaatst en zich als enige authentieke vertegenwoordiger van het volk presenteert.
Populisme is geen vaste ideologie maar een framing-strategie die zowel links als rechts voorkomt. Rechts-populisme combineert het vaak met nationale identiteit en migratiekritiek (PVV, DNA); links-populisme met economische herverdeling en kritiek op 'het kapitalisme' (SP, DENK).
Polderen
Typisch Nederlandse vorm van compromis-besluitvorming tussen overheid, werkgevers, vakbonden en maatschappelijke organisaties.
Subsidiariteit
Principe dat beleid op het laagst mogelijke bestuursniveau moet worden gemaakt: Europees, nationaal, lokaal of bij burgers zelf.
Soevereiniteit
Het hoogste gezag van een staat over een grondgebied en bevolking, zonder externe inmenging.
Keynesianisme
Economische school die overheidsuitgaven bepleit in tijden van recessie om vraag te stimuleren en werkgelegenheid te beschermen.
Liberalisme
Politieke filosofie die individuele vrijheid, rechtsstaat en (vaak) vrije markt centraal stelt.
Sociaal-democratie
Centrum-linkse stroming die markt accepteert maar publieke voorzieningen, herverdeling en arbeidsbescherming als kerntaken ziet.